Vrijetijdsbeleving van kinderen in armoede.

Auteurs

Coussée, F., Roets, G., Bouverne – De Bie, M., & Vettenburg, N. (2011).  

Abstract

In dit onderzoek in opdracht van de Vlaamse Gemeenschap werd het vrijetijdsaanbod voor kinderen in armoede in drie Vlaamse centrumsteden (Oostende, Leuven en Ronse) in kaart gebracht en nagegaan hoe kinderen en hun ouders dit aanbod ervaren. Het ging hierbij niet alleen om het klassieke jeugdwerk, maar om het geheel van het vrijetijdsaanbod voor kinderen in armoede tijdens de zomermaanden (zoals onder meer buurtwerk, welzijnswerk, samenlevingsopbouw, buurtsport,…). In het onderzoek werd in grote mate aandacht besteed aan de wijze waarop kinderen zelf dit aanbod beleven en er betekenis aan geven. Wat bruikbaar en kwaliteitsvol is voor kinderen en ouders in armoede stond voor de onderzoekers centraal, als een ruime opvatting van de toegankelijkheid van het aanbod. Het eerste onderzoeksluik omvat de cartografie van het aanbod op basis van kwalitatieve diepteinterviews met sleutelactoren in de lokale hulp- en dienstverlening in de drie centrumsteden. Dit onderzoek omvat o.a. een cartografie van het maatschappelijk aanbod (zowel instellingen/organisaties als beleidsmaatregelen), waarbij het niet enkel gaat om de kaart van het aanbod, maar ook om een analyse van de omgeving waarin dat aanbod opereert en van de vigerende probleemdefiniëringen die voor en door ‘het aanbod’ geconstrueerd worden (onder meer van ‘armoede’ en ‘vrije tijd’). Voor de cartografie werd o.m. gebruik gemaakt van interviews met sleutelfiguren (zoals inzake lokaal ‘sociaal beleid’ als breder in het maatschappelijke leven), waarbij werd nagegaan hoe zij werken met kinderen tot 12 jaar in armoede en met hun ouders en opvoedingsverantwoordelijken. Daarnaast viel men ook terug op beleidsdocumenten en cijfermateriaal uit diverse databanken. De interviews met sleutelfiguren werden geanalyseerd op de probleemdefinities die ons (sociaal) pedagogisch handelen sturen ten aanzien van armoede, kinderen in armoede en hun vrijetijdsparticipatie. De bevindingen uit de cartografie werden vervolgens aangewend om het belevingsonderzoek bij kinderen en ouders aan te sturen. Dit kwalitatief onderzoek, waarbij gebruik gemaakt werd van participerende observatie en open diepte-interviews, heeft als doel inzicht te verwerven in, en een beeld te krijgen van, de positieve en negatieve ervaringen met het vrijetijdsaanbod van kinderen in armoede en hun ouders. De bevindingen uit het onderzoek vergen veeleer een ‘herdenken’ van jeugdbeleid dan een ‘herorganiseren’ ervan. De introductie van een visie op ‘jeugdwerk’ in brede zin als sociaalpedagogisch werken met jeugd in de vrije tijd als een basisvoorziening lijkt een constructieve piste om het recht op ondersteuning van ontplooiingskansen voor iedereen waar te maken.

Referentie

Coussée, F., Roets, G., Bouverne – De Bie, M., & Vettenburg, N. (2011). Vrijetijdsbeleving van kinderen in armoede. Eindrapport. Onuitgegeven onderzoeksrapport. Universiteit Gent, Vakgroep Sociale Agogiek.

Taal

Nederlands

 

Publicatievorm

Onderzoeksrapport

Trefwoorden

Vrijetijdsbeleving, participatie, jeugdwerk, armoede en sociale ongelijkheid